Beseft u deze dagen van sociale onthouding

ook zo sterk

hoe relationeel we zijn?

Normaal, en deze vastentijd niet minder,

nemen we ter voorbereiding op Pasen

de drie fundamentele relaties van ons leven

onder de loep: 

de relatie met God,

de verbinding met anderen (ook de schepping),

en de band met onszelf.

Aan relaties moet je werken.

Alle drie hebben dan ook een eigen wérkwoord.

Bidden is werken aan de relatie met God.

Geven is werken aan de relatie met anderen.

Vasten is werken aan de relatie met jezelf.

Deze ‘to-do-list’

van bidden, geven en vasten

gaat in tegen onze krachtige drang

naar verstrooiing,

naar hebben,

en naar innemen.

Je ervaart deze dagen van sociale onthouding

dat het afzien is.

Maar je zult zien,

dat je groeit in menszijn.

Je komt tot leven,

als je afleert om te wórden geleefd.

Afzien, is een bijzondere manier van aandacht geven aan onszelf.

En los te komen van waaraan we vastzitten;

waar we niet meer vrij tegenover staan,

waarvan we als het ware slaaf zijn geworden.

Waardoor wij vervreemden van onszelf, van God en van een ander.

Dat kan eten zijn en drinken,

of ook een houding die je telkens meent te moeten aannemen.

Het kan ook te maken hebben met onze seksualiteit.

Maatschappijkenners zeggen dat onze cultuur wordt ‘over-beheersd’

door materialisme en consumentisme.

Ook nu duurzaamheid in is.

Afzien en onthouden helpen

om niet te worden gereduceerd tot consumenten,

die als kinderen elk moment de zinnen geprikkeld

en de behoefte gulzig bevredigd willen hebben.

Bidden, geven en vasten helpt ons

de kostbare vrucht van de geest te verwerven,

die zelfbeheersing heet.

Het maakt ons klaar voor de ontmoeting met God en met onszelf

en het maakt ons gevoelig voor de noden van de armen en van de schepping.

Vasten, dat moet je echt doen!

Ook deze dagen van sociale onthouding.

 

Paul Daggenvoorde, pastoor

--