Het valt mijzelf op dat als ik luister ik wel hoor wat de ander zeg maar het antwoord vaak al klaar heb voordat de ander is uitgesproken. Ongelukkigerwijs ben ik daar niet de enige in.

Ik luister wel eens naar Radio 1 en het valt me op dat er steeds sneller gepraat wordt. Zeker sneller dan vroeger en met een snelheid die ik nooit zal en wil halen. In politieke debatten gaat het er niet over of je verstandige dingen zegt maar wel of je de ander kan overweldigen met je snelle praat. Praten om te scoren, alsof het een wedstrijd is.

Na de Slow Food beweging en de Slow Managementaanpak zou ik willen oproepen tot een Slow Talk Movement.

Deze (S.T.M.) Slow Talk Movement of in het Nederlands de L.P.B, de Langzaam Praat Beweging roept op tot drie handelingen:

1. Luisteren, 2 zwijgen en 3 spreken.

 

1. Luisteren. Onlangs zat ik bij een rechtszitting op Mediant waar de psychiater een oordeel uitsprak over een opgenomen bezoekster van het citypastoraat zonder haar gesproken te hebben, zonder naar haar geluisterd te hebben. Een schriftelijke rapportage was voor de psychiater voldoende om het leven van deze mevrouw ingrijpend te wijzigen. Zou ze als psychiater en als mens geluisterd hebben dan had ze tot een totaal andere conclusie kunnen komen.

Luisteren is slechts de eerste stap om tot een relatie te komen met iemand, tot een werkelijke ontmoeting of dit nu privé of beroepshalve is. Luisteren zonder vooroordeel.

 

2. Nadat we geluisterd hebben zouden we zoals de oude monniken aangaven op twee manieren kunnen zwijgen. Eerst om het oordeel en het beeld dat we van de ander hebben opgebouwd los te laten om de ruimte te creëren de ander werkelijk te horen en te zien. Ten tweede om jezelf te ontmoeten zoals je nu bent. Wie ben ik eigenlijk en hoe sta ik in relatie tot deze persoon, tot mezelf en tot God?

 

3. Pas dan zijn we aan de derde stap toe, het spreken.

Ik moet daarbij vooral denken aan het begin van het Johannesevangelie vooral: “In het woord was leven en het leven was het licht voor de mensen”. Jezus spreekt zijn leerlingen soms streng toe maar het zijn altijd woorden ten leven.

 

Dat is hoe wij kunnen spreken, woorden die het leven dienen, die mensen licht geven. Niet woorden die vernietigen, beledigen, kapot maken. Onze woorden zijn machtige woorden voor onszelf en voor anderen. We kunnen onszelf neerhalen of troosten en anderen neerhalen of troosten. We spreken niet tot mensen omdat er regels gehandhaafd moeten worden, binnen of buiten de kerk, maar vanuit het luisteren, de ontmoeting, en het zwijgen. Tot leven en tot licht voor elkaar.

Vele gesprekken en vergaderingen zouden vanuit de Slow Talk Movement veel effectiever verlopen, tijd besparen tot leven en licht voor elkaar.

 

Jan van den Nieuwendijk