10_kerken_banner

Een man ging op reis. Hij verliet zijn huis. Het beheer droeg hij over aan zijn dienaren. Ieder kreeg zijn eigen taak.

Lenie ontfermde zich over zijn kinderen. Jan nam het op zich het hele huis opnieuw in de verf te zetten. Martin onderhield de tuin. Jos zorgde voor de paarden in de stal. De administratie was en bleef in handen van Jeannette. Oh, ja, er was ook nog een deurwachter. Die hield natuurlijk de wacht, opdat de man, als hij terug zou komen, alles thuis weer netjes aan zou treffen. Of liever nog, béter aan zou treffen. Alles verliep prima in huis. Het personeel kon het goed met elkaar vinden. De taken werden nauwgezet uitgevoerd. Alles liep eigenlijk op rolletjes. Toch miste men wat. De man op reis werd gemist. De sfeer die hij meebracht. Zijn leiding en inzicht. Zijn support, als je het even niet meer zag zitten. Men werd wel erg op zichzelf teruggeworpen. Maar men verslapte niet; bemoedigde elkaar; leerde van elkaar; was trots op wat men samen tot stand bracht. Men sleepte elkaar er doorheen en hield elkaar scherp, als men het even niet meer zag zitten.

Ik vroeg mij af: ‘Zouden wij ook zo door de huidige crisis kunnen komen?’ Het goede, spontane en vrije leven heeft ons even verlaten. Maar we weten, het komt terug! De voortekenen zijn gunstig. Hoe zullen wij dan terugkijken op de afgelopen maanden. Hebben we het ‘huis’ draaiende gehouden? Of treffen we het straks zelfs nog beter aan? Hebben we door alle misère heen ook iets opgedaan, geleerd, dat we vast willen houden?

Ik wens u een goede Advent toe! Dat de Advent juist dit jaar een tijd vol van verwachting en hoop voor u mag zijn!

Pastoraal werker Frank de Heus

cross

We sluiten zondag het kerkelijk jaar af met het feest ‘Christus Koning’. Ingesteld na de Eerste Wereldoorlog.  De keizers van Duitsland en Oostenrijk-Hongarije waren afgezet. En ook de Tsaar van Rusland. Maatschappelijke verhoudingen waren revolutionair gewijzigd. Oude macht had afgedaan.

Wat met de Franse revolutie was begonnen, was nu in heel Europa aan de orde. Mensen gingen samen zelf over hun leven. Waarbij ook Fascisme en Nationaal Socialisme in opkomst waren. Bij zoveel machtsverschuiving liet de paus vieren dat Christus Koning is. Tot aan, én voorbij het einde der tijden. Omdat zijn koningschap niet van deze wereld is, zoals Jezus zelf zegt. Inderdaad. De koning van alle leven durfde te sterven. Uit liefde. Veel mensen lijden verborgen in dit leven. Anderen zien niet, of kunnen niet aanzien waaraan ze lijden. En durven niet te helpen. Christus Koning. Wij geloven dat groepsdruk en wereldmacht niet op kunnen tegen de Liefde. Omdat die blijvend is. We hebben Jezus een heel kerkelijk jaar gevolgd. Van kribbe tot kruis. Hij kent het menselijk lijden. En waagt er zich aan, helemaal, tot in de dood. Bij onze onmacht om werkelijk lief te hebben, houdt hij het uit. En staat eruit op. Dat kunnen wij ook! Oorlog en dood zullen niet voor altijd te heersen. Wij kunnen hongerigen te eten geven, dorstigen te drinken. Wij kunnen vreemdelingen opnemen, en naakten kleden. Wij kunnen bezoeken wie ziek zijn en gevangen. Zulke naastenliefde verandert de wereld tot in eeuwigheid.

Paul Daggenvoorde, pastoor

cross

Wat ons te doen staat, en dát het te doen is.

Daarover gaat het in het christendom.

Dienst aan God hoort niet bij woorden te blijven.

Het moet gedaan.

Dat hebben we van het Jodendom.

Als leer zijn Jodendom en christendom doe-godsdiensten.

Want God doet van alles, voor ons. Zo wordt verteld.

En als antwoord op wat we over God horen, zal ook de mens van alles doen.

Maar wat precies? Waar, wanneer wie wel, en wie niet?

De geboden van Mozes zijn met verloop van tijd

tot een ingewikkeld geheel geworden.

Misschien omdat het leven zelf gecompliceerd is.

Onder Schriftgeleerden is daarom steeds de vraag:

 'Wat lees jij in de Wet. En hoe leg jij die uit?"

Ook Jezus wordt uitgedaagd om te zeggen hoe hij de Wet van Mozes begrijpt.

Ze vragen dan niet naar theorie. Maar naar de praktijk.

Wat zegt Jezus, dat wij volgens Mozes moeten doen?

Allereerst: Hoor Israël! Horen is het oer-gebod.

Echt luisteren gaat aan alles vooraf.

Een kunst op zich!

En vervolgens is het eerste en allerbelangrijkste om te doen,

dat je met heel je persoon en al je mogelijkheden God liefhebt.

En dat je andere mensen liefhebt zoals jezelf.

Lief-hebben: met liefde bij je hebben.

Niet wegzetten uit angst of onverschilligheid.

Bij je houden; soms moedig er bij uithouden.

Want elke ander doet er toe, net als jijzelf.

Niet alleen in theorie, maar juist ook in praktijk!


Paul Daggenvoorde, pastoor
cross

Buiten is de nazomer nu echt over. De winterjas hangt aan de kapstok. De verwarming in huis brandt zacht. HERFST. En wie herfst zegt, denkt in onze geloofstraditie ook aan Allerzielen. Of nog beter: Allerheiligen; het feest waar we kunnen denken aan al degenen die ons zijn voorgegaan. De grote heiligen uit de verre tijden; en mijn eigen kleine heiligen: de mensen in mijn hart, die daar blijven wonen zolang ik zelf leef.
Misschien meer dan ooit, meer dan andere jaren hebt u behoefte om daar bij stil te staan. Dit jaar is zo veel anders geworden, anders aan te voelen, anders te beleven. Als dingen veranderen wil je juist terug naar wat vast staat, wat vertrouwd was.
Een kaars aan steken, een herdenkingskruisje vanuit de kerk mee nemen naar huis. Een bloem bij de foto op de kast. Allemaal bronnen van herinneringen. Van allerlei gevoelens. Van dankbaarheid vermengd met weemoed. Even stil vallen… alleen, maar juist ook samen met anderen. Lotgenoten, familie, vrienden, medeparochianen.
We gaan herdenken; maar anders dan voorheen. De herinneringen mogen blijven; onze tegenstrijdige gevoelens mogen er zijn. Thuis, in de kerk, op het kerkhof, bij het crematorium: overal branden er lichtjes als ondersteuning van ons gebed. Als teken van liefde tegen alle duister in. Mogen we dankbaar gedenken degenen die voor ons van eeuwigheidswaarde zijn. En mogen we daarin ons met elkaar verbonden voelen. De Trooster en Helper, de H.Geest zal ons daarin begeleiden.

Overweging door pastoraal werker Carla Berbée

cross

 

In mijn studietijd voor theologie had ik een docent, die elk college begon met een kort gebed: ‘Vader in de hemel, geef ons koele hoofden en warme harten om te zijn bij de dingen van Uw Koninkrijk. Amen.’ Dat was kort en krachtig. Ik bid het zelf nog regelmatig en hoor dat mijn collega Paul Daggenvoorde bij bijeenkomsten ook af en toe doen. We zaten in dezelfde collegebanken. Maar hoe zeer hebben we dat koele hoofd en dat warme hart in deze tijd nodig! In mijn privésfeer wordt momenteel de ene na de andere afspraak afgezegd. De één heeft Corona. De ander snottert en heeft koorts. Een familiebijeenkomst is te groot. Dat kan echt niet in deze tijd. Dat koele hoofd heb ik nu hard nodig! Steeds moet ik tegen mijzelf zeggen: ‘Het glas is niet half leeg, maar half vol’. Blijf de mooie dingen zien. Want dat is de enige manier. Ik kan wel zitten treuren om alles wat niet doorgaat, maar wat heb ik daaraan? En dus richt ik mij telkens weer op alles wat wel doorgaat. En ik moet zeggen: ‘Dat is nog heel wat’. De afgelopen week zijn we begonnen met de Vormselvoorbereiding. We zaten met zeventig man, ouders en kinderen, voor een Startavond in de Sint Janskerk in Enschede Zuid. Ik vind het mooi dat zoveel kinderen en ouders toch weer meedoen. Kinderen in de groepen 4 die ik vanwege de aanmelding voor de Eerste Communie bezoek zijn altijd enthousiast en zitten vol vragen. Ik ontmoet mensen met mooie verhalen. Met parochianen ontdekken we het getijdengebed. Dat doet wat met mensen! En ook al zingen we niet, iedereen kan meedoen. Wandelen in de natuur blijft prachtig. Er is tijd om een boek te lezen. Ik wens ook u een koel hoofd en een warm hart toe. Vrede en alle goeds!

pastoraal werker Frank de Heus

cross

Ga naar boven